zondag 21 april 2019

Les 93 - Er woont licht en vreugde en vrede in mij. – deel 2


(4:1) Waarom zou je niet overlopen van vreugde als jou wordt verzekerd dat al het kwaad dat jij denkt te hebben gedaan, nooit is gedaan, dat al je zonden niets zijn, dat je zo zuiver en heilig bent als jij werd geschapen en dat er licht en vreugde en vrede in jou woont?

Het antwoord is duidelijk want dit aanvaarden betekent dat we niet zijn wie we denken te zijn en waarmee onze speciaalheid verdwijnt. De waarheid echter is dat we overgelukkig zouden zijn wanneer we weten dat onze slechtheid, duisternis en zonde niet waar zijn. Maar dit houdt ook in dat het ego zelf die dit geloof voorhoudt, ook niet waar is. We moeten de angst van onze ego’s voor Een Cursus in Wonderen en wat de cursus leert, onder ogen zien want pas dan kunnen we voorbijgaan aan de weerstand om deze gelukkige waarheid te leren kennen en te aanvaarden.
(4:2-4) Jouw zelfbeeld kan niet de Wil van God weerstaan. Jij denkt dat dit de dood is, maar het is leven. Jij denkt dat je vernietigd wordt, maar je wordt verlost.
De jij die denkt dat hij vernietigd is, is de keuzemaker die zich met het ego heeft geïdentificeerd. De jij die denkt dat waarheid, de Wil van God en deze cursus de dood zijn, is de jij die zich geïdentificeerd heeft met zijn speciale bestaan. Jezus zegt dat je individualiteit uiteindelijk zal verdwijnen in het niets en dat de glorieuze waarheid over jou zal terugkeren naar je bewustzijn. We zijn dus gered van het verschrikkelijke beeld dat we van onszelf gemaakt hebben. Zoals we reeds herhaalde keren hebben gezien is het proces van de verzoening enkel dit: een proces. En nogmaals:
Vrees niet dat je opeens zult worden opgetild en de werkelijkheid in geslingerd. (T. 16. VI. 8:1)
(5:1) Het zelf dat jij gemaakt hebt, is niet de Zoon van God.
Wanneer je deze regels leest denk dan aan wat jij denkt dat je bent en gebruik gelijk welk woord of concept dat bij je opkomt. Realiseer je dan dat geen van allen de Zoon van God is want zij geven een definitie van de zoon van het ego. Zoals Jezus in de tekst opmerkt:
De zoon des mensen is niet de verrezen Christus. (T. 25. Inl. 2:6)
(5:2) Daarom bestaat dit zelf helemaal niet.
Velen zijn door het werkboek gegaan en hebben hoogst waarschijnlijk deze regels heel snel gelezen zonder er aandacht aan te geven. Hadden ze dat wel gedaan dan had men waarschijnlijk dit boek dichtgeklapt. ‘Het zelf dat jij gemaakt hebt is niet de Zoon van God.’ Wanneer we in de spiegel kijken zien we het zelf dat we gemaakt hebben. Dit is niet alleen niet de Zoon van God, het bestaat niet. Welk zelf respecterend ego zou hier niet bang voor zijn? Dit wil niet zeggen dat je je ertoe verbindt om je ego los te laten, maar eenvoudig te kijken naar wat het ego is. Jezus vraagt jou enkel om te kijken. Probeer niet te veranderen, te corrigeren of het te laten gaan. Kijk slechts. Het is een proces dat geleidelijk aan je identificatie met het ego zal beëindigen omdat het zelf dat kijkt niet meer het zelf is dat wordt bekeken. Je identiteit is dus teruggekeerd naar het keuzemakende deel van je denkgeest en weg van het ego.
(5:3) En alles wat het schijnt te denken en te doen, betekent niets.
Deze verklaring ontkracht onze levens, laat staan de beschaving waarvan we denken een indrukwekkend product te zijn.
(5:4) Het is noch slecht, noch goed.
Het zou geweldig zijn voor het zelf of het goed of slecht zou zijn. Religies vertellen ons voortdurend dat dit zo is. Maar het probleem is dat het zelf niets is, waarbij ‘goed’ of ‘slecht’ geen betekenis heeft.
(5:5-9) Het is onwerkelijk en meer niet. Het levert geen strijd met de Zoon van God. Het krenkt hem niet en valt zijn vrede niet aan. Het heeft de schepping niet veranderd, noch eeuwige zondeloosheid tot zonde, noch liefde tot haat verlaagd. Wat voor macht kan dit zelf dat jij gemaakt hebt, dan bezitten, wanneer het de Wil van God weerspreekt?
Dit is een prachtige uitspraak van het Verzoeningsprincipe. De afscheiding is nooit gebeurd en heeft dus geen enkel gevolg. Het doel van het ego is te bewijzen dat het bestaat en dat God niet bestaat. Onze enige hoop is om boven het slagveld uit te rijzen en ons referentiepunt te veranderen zodat we uiteindelijk voorbij het ego het doel zien voor de wereld maar dan via het onderricht van de Heilige Geest: leren vergeven.
(6:1-2). God staat voor jouw zondeloosheid garant. Steeds en steeds weer moet dit worden herhaald, totdat het wordt aanvaard.
We moeten deze zin echter niet als een affirmatie blijven herhalen om het egodenksysteem naar beneden te halen, maar ons illusoir denksysteem naar de waarheid brengen en er naar kijken.
(6:3-5) Het is waar. God staat voor jouw zondeloosheid garant. Niets kan haar raken of dat veranderen wat God als eeuwig heeft geschapen.
Jezus kent zijn studenten en dus moet hij hen ervan verzekeren: het is waar, we zijn inderdaad zondeloos, de afscheiding is nooit gebeurd en de Heilige Geest heeft van in het begin de waarheid gesproken. We begingen slechts een vergissing die nu makkelijk gecorrigeerd kan worden.
(6:6-7) Het zelf dat jij hebt gemaakt, slecht en vol zonde, is zonder betekenis. God staat voor jouw zondeloosheid garant en er woont licht en vreugde en vrede in jou.
De manier waarop we het licht bereiken is door te kijken naar het zelf dat wij gemaakt hebben, waarvan wij denken dat dit het thuis is van slechtheid, duisternis en zonde. Ons diepgewortelde geloof in dit zelf verhindert de ervaring van zondeloosheid. Om dit essentiële punt nogmaals te maken: het ego zal niet zomaar verdwijnen door enkel deze prachtige zinnen te herhalen. Het ongedaan maken ervan vergt hard werken en toewijding omdat de weerstand om naar dit slechte zelf te kijken enorm is. Daarom maakt Jezus deze belangrijke uitspraken:
Je vraagt je misschien af waarom het zo cruciaal is dat jij je haat in ogenschouw neemt en de volle omvang ervan beseft. Je denkt misschien ook dat het voor de Heilige Geest een klein kunstje moet zijn jou die te laten zien en hem te verdrijven zonder dat jij jezelf daarvan bewust hoeft te maken. (T. 13. III. 1:1-2)
Eens we ons bewust worden van onze zelfhaat door het herkennen van onze projecties op anderen kunnen we het naar Jezus’ helende liefde brengen. Door het verdwijnen van onze weerstand wordt zijn boodschap van licht en vreugde dankbaar en vreugdevol aanvaard.
(wordt vervolgd)

Geen opmerkingen:

Een reactie posten